“De witte jas”

weblog van een arts-in-opleiding…

Grote handen, stoere blikken 8 juli 2008

Ingedeeld onder: Heelkunde — Maarten @ 7:36

Nooit meer ziek, de utopie van ‘de maakbare mens’ …

 

De eerste dag op de afdeling chirurgie, oftewel “heelkunde” zoals we in het ziekenhuis liever zeggen. De kunst/kunde van het helen. De goden van de geneeskunde aan het werk! Corrigeren wat krom is, wegsnijden wat kwaadaardig is, en vervangen wat versleten is. De ultieme orgaangeneeskunde, het lichaam als machine, waaraan gesleuteld kan worden als er iets kapot is. Je volgt simpelweg de handleiding der anatomie, leest het hoofdstuk reparaties en een paar stappen later is het lichaam geheeld, de ziekte bestreden en de patiënt weer beter!

 

Steeds sneller en beter zijn we in staat om te opereren in het menselijk lichaam. Post-operatief verblijven patiënten nog maar kort in het ziekenhuis. Herstellen kan ook wel thuis! Daardoor zijn de bedden ook weer snel beschikbaar voor de volgende patiënten die onder het mes kunnen. Met als gevolg dat de turn-over op een chirurgische afdeling erg groot is.

 

De chirurgenwereld is er een van contrasten. Operatiemethodes en -instrumenten worden steeds verfijnder. Patienten verlaten het ziekenhuis vaak nog maar met enkele minimale insicies. De cultuur op de OK daarentegen is conservatiever dan conservatief. Want terwijl in de collegebanken meer dan de helft van de studenten van het vrouwelijk geslacht is, maken bij de heelkunde mannen nog steeds de dienst uit. De aloude maatschap, gebouwd rondom een ‘old-boys-netwerk’ is allesbepalend. Lidmaatschap van een der ’studenencorpsen’ of een goede bekende in de chirurgenwereld is een sterke pre om binnen te komen in dit gesloten bolwerk! De mens -in de rol van chirurg- zit op de stoel van God, en voelt zich vaak ook een God! Schijnbaar onaantastbaar lopen de chirurgen door hun domein, de arena die O.K. wordt genoemd. Tegenstand of kritiek is niet gewenst, zij weten wat goed is voor ’de lijdende mens’.

 

De hoge turn-over, in combinatie met het orgaandenken en de vaak onaantastbare positie der mannelijke chirurgen lijdt tot een afdeling waar enige vorm van menselijk contact, medeleven en compassie ver te zoeken is.

 

 

Tja, wat valt het meeste op aan chirurgen? Ik denk toch wel hun grote handen. Als de opleiding tot arts mislukt was, hadden ze altijd nog in de kolenmijnen kunnen gaan werken.